Snoeien
Van nature hoeft een boom niet gesnoeid te worden, een boom in een bos waar nooit iemand komt, mag dood hout laten vallen. Ook mag een gedeelte van de kroon uitbreken door een plakoksel of een mechanisch overbelaste tak. Maar in onze leefomgeving is dit iets wat we willen voorkomen, we willen geen materiele schade of erger nog lichamelijk letsel. Daarom is de juiste snoei voor een boom van groot belang. Er zijn verschillende soorten snoei, hieronder worden ze uitgelegd.
Begeleidingsnoei
In de eerste fase van de boom is het van belang dat deze begeleid word naar een volwassen boom. Bij deze snoei word er gekeken naar de gewenste takvrije stam, probleemtakken zoals een plakoksel, dubbele top of zuiger. Dit moet in fases gebeuren omdat een boom niet direct zijn eindgrootte heeft en je niet meer dan maximaal 35% van de takken kan weghalen. De boom heeft voldoende andere takken nodig om de wonden te overgroeien en zijn conditie en vitaliteit te behoude. De begeleidingsnoei gebeurt meestal om de 2 a 3 jaar. Het is belangrijk om er op tijd bij te zijn, als er te lang gewacht word, zijn de takken te dik. Hierdoor krijg je een grote snoeiwond, die voor de boom moeilijk te overgroeien is en er een grote kans op schimmelinfecties optreedt.
Onderhoudsnoei
Iedereen die eigenaar is van een boom heeft zorgplicht. Dit houd in dat de eigenaar zijn boom moet onderhouden en inspecteren ten behoeve van de veiligheid. Als er bijvoorbeeld schade ontstaat door de boom, moet er aantoonbaar onderhoud gepleegd zijn, anders vergoed de verzekeraar niets.
Daarom word er als de boom zijn volwassen grootte bereikt heeft onderhoudsnoei toegepast. Hier word er vooral gekeken naar afgestorven takken, takken die te laag hangen in verband met doorrijhoogte en aangetaste takken door weersinvloeden of ziekte.
Kandelaberen
Kandelaberen is een drastische maatregel, eigenlijk gebeurt dit als de boom in een aftakelende fase zit, door ouderdom, ziekte of zwamaantasting. En enkel door kandelaberen gehandhaafd kan worden. De boom word 50% ingenomen, gehalveerd dus. Er zijn soorten die hier goed op kunnen reageren zoals een Wilg of Populier. Bij bijvoorbeeld een Beuk is dit niet mogelijk, dus het hangt af van de soort of dit haalbaar is. Na deze ingreep moet de boom om de 3 a 4 jaar uitgedund of weer kortgezet worden. Dit omdat de aanhechting van de takken niet zo sterk is. De tak zit als het ware op de knot geplakt, dit verhoogt de kans op takbreuk bij bijvoorbeeld storm. Let op! Bij sommige gemeentes word kandelaberen hetzelfde gezien als een boom weghalen. Bij deze gemeentes moet er dan een omgevingsvergunning (kapvergunning) aangevraagd worden.
Innemen/Kroonreductie
Het innemen van een boom gebeurt onder andere als de boom instabiliteit vertoont. Dit kan bijvoorbeeld komen door graafwerkzaamheden. Ook bij een zwamaantasting, waarbij rotting optreedt, kan de boom instabiel worden. Om de mechanische belasting en de windbelasting te verminderen worden alle takken ingenomen. Dit gebeurt wel met de inachtneming van de natuurlijke vorm van de boom. Ook moet er nog voldoende bladmassa aanwezig zijn om de conditie en vitaliteit van de boom te behouden.
Er zijn ook bomen die in een kleine achtertuin staan en eigenlijk te groot worden voor hun standplaats. U kunt er dan ook voor kiezen om de boom in te nemen. Zo hoeft u de boom niet te missen en geeft deze ook minimaal overlast aan bijvoorbeeld uw buren.
Uitlichten
Bij het uitlichten worden er takken die een mechanische overbelasting hebben, doordat ze bijvoorbeeld te veel lengte hebben in verhouding met de dikte, uitgelicht. Hierdoor word de kans op het uitbreken van deze overlange takken bij bijvoorbeeld een storm verkleind. Er word bij het uitlichten ook gekeken naar de natuurlijke vorm, zodat deze intact blijft.
